Conclusie
1.Inleiding en samenvatting
2.Feiten en procesverloop
3.Bespreking van het cassatiemiddel in het principaal beroep
met de bedoelingom van de verzekeraar een hogere uitkering te verkrijgen of te behouden.
of behoorde te kennenen waarvan, naar hij weet
of behoort te begrijpen, de beslissing van de verzekeraar of, en zo ja, op welke voorwaarden, hij de verzekering zal willen sluiten, afhangt of kan afhangen…’. [8] Die formulering is eenvoudig ontleend aan art. 7:928 lid 2 BW Pro en definieert slechts de niet-nakoming van de informatieplicht en
nietwat moet worden verstaan onder een handelen ‘met het opzet de verzekeraar te misleiden’ (de maatstaf van art. 7:928 lid Pro 6, 7:930 lid 5 en 7:941 lid 5 BW).
“Denk niet dat mij niets mankeert... ik ben strijdbaar en gemotiveerd. ..heb vandaag één van mijn slechtste dagen maar niemand ziet het...”.Daarna kennelijk een uitleg van de strategie die [verzekerde] had ontwikkeld om [betrokkene 1] te motiveren zich in te zetten voor [A]
“...ik moet hem gemotiveerd krijgen zodat hij er weer voor gaat en het varkentje wast. Daarom zie je mij nu zo en zo ben ik al twee weken totdat de reorganisatie is voltooid zal ik me zo presenteren en daarom zeg ik schop mijn benen onder me uit en zal ik kruipen... Gevolg........ [betrokkene 1] (hof: [betrokkene 1] ) gaat er nu vol voor. ziet de realiteit voor ogen en is het volledig met me eens... is gaan inzien wat er nu gebeurd en straks doel hij het net als in 2005/4...doet die het alleen en heb ik mijn doel bereikt.”
“Voor mijn AO-traject veranderd er dus niets....alles is nog hetzelfde.... Maar er moet nu even een tandje bij gezet worden om de zaak op de rit te krijgen en te houden en daarom is dit nu mijn toneelstuk die ik even vol hou en dan weer op afstand neem.... maar wel met een bedrijf dat niet omvalt. Dit moet verder onder ons blijven .....jij bent denk ik een hele goede advocaat ....ik een goede ondernemer (ieder zijn vak)”opzet tot misleiding van De Amersfoortse kan worden afgeleid heeft zij onvoldoende gesteld. Deze passage past namelijk evengoed bij het standpunt van [verzekerde] , die stelt dat het hierbij ging om een strategie die niet met [betrokkene 1] besproken diende te worden, vandaar dat dit tussen hem en Bongers diende te blijven (“onder ons”).
feitelijkewerkzaamheden van verzekerde in vooral de periode van november 2012 tot november 2013 is daarmee niet zonder meer onverenigbaar. Naar het kennelijke oordeel van het hof wordt de discrepantie tussen de mate waarin verzekerde arbeidsongeschikt is en de omvang van zijn feitelijke werkzaamheden in de bedoelde periode geheel verklaard door de in rechtsoverweging 3.13 bedoelde ongelukkige samenloop van onder meer de verslechterende toestand van [A] en de specifieke persoonlijkheid en gesteldheid van verzekerde.
4.Bespreking van het cassatiemiddel in het voorwaardelijk incidenteel beroep
met nameafhankelijk is van objectieve factoren omdat tussen partijen niet over de voorwaarden is onderhandeld (rechtsoverweging 3.6).
spontaneinformatieplicht rustte.