Conclusie
middelbehelst de klacht dat de bewezenverklaring van het onder 1 en 2 ten laste gelegde onbegrijpelijk is, althans ontoereikend is gemotiveerd, aangezien uit de bewijsvoering niet kan worden afgeleid dat de verdachte opzet had op het voorhanden hebben van de onder 1 ten laste gelegde voorwerpen en stoffen en het aanwezig hebben van de onder 2 ten laste gelegde hoeveelheden hennep en hasjiesj.
A.