Conclusie
PROCUREUR-GENERAAL
BIJ DE
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CONCLUSIE
middelbehelst de klacht dat de bewezenverklaring van het onder 1 ten laste gelegde (opzettelijk uit de opbrengst van enig door misdrijf verkregen goed voordeel trekken) niet uit de gebezigde bewijsmiddelen kan worden afgeleid.
opzettelijkvoordeel heeft getrokken uit hetgeen werd aangeschaft met door misdrijf verkregen geld. De bewezenverklaring is aldus niet naar de eis van de wet voldoende met redenen omkleed. [3]