Conclusie
1.Inleiding
2.De feiten en het geding in feitelijke instanties
De feiten
BNB2016/177, de vermogensrendementsheffing niet in algemene zin in strijd is met artikel 1 EP Pro EVRM.
BNB2016/177 overweegt het Hof:
3.Het geding in cassatie
BNB2019/161 stelt de Hoge Raad voorop:
BNB2019/161 heeft de Hoge Raad voor de jaren 2013 en 2014 beslist dat het rendement van 4% op risicomijdende beleggingen niet haalbaar was. Ik zie niet in waarom dit voor het jaar 2015 anders zou zijn. [13] In zoverre is belanghebbendes klacht terecht.
BNB2019/161 niet beantwoord: [16] [17]
BNB2011/248 overwoog de Hoge Raad over de beoordeling of sprake is van een individuele en buitensporige last: [28]
BNB2011/65. [29] Die zaak ging over de gewijzigde tariefstelling van de motorrijtuigenbelasting voor bestelauto’s. De Hoge Raad oordeelde:
BNB2017/115, een zaak die betrekking had op de kansspelbelasting, is deze overweging herhaald en is daaraan toegevoegd dat dat zich bij belanghebbende alleen kan voordoen als zich bijzondere omstandigheden bij hem voordoen die zich niet ook bij anderen voordoen: [30]
BNB2018/137 wordt de genoemde maatstaf gehanteerd bij de beoordeling van de vraag of een belastingplichtige wordt geconfronteerd met een individuele en buitensporige last. Verder is in dat arrest overwogen dat de maatstaf moet worden beoordeeld aan de hand van de omstandigheden van het geval: [31]
de factoeen verschillend bedrag aan belasting betalen al naar gelang hij al dan niet belasting in box 3 moet betalen die hij niet uit de opbrengst van het vermogen kan voldoen.
Communis opiniois dan ook dat ten aanzien van dergelijke beleggingen risicospreiding moet worden betracht en dat bovendien een deel van het vermogen moet worden belegd in minder en niet-risicodragende activa.
BNB2018/137 heeft de Hoge Raad geoordeeld dat de inkomstenbelasting in box 3 niet kon worden geheven vanaf het moment waarop zijn vermogen door een groot verlies niet meer rendeerde. [38] De onderhavige zaak leidt tot de vraag of een vermogensverlies ook in minder dramatische omstandigheden dan die welke in dat arrest aan de orde waren, moet leiden tot terugtreden van de belastingheffer.