Conclusie
Nummer 22/03012
Strafbaarheid van het bewezenverklaarde en de verdachte feit 2
Parket bij de Hoge Raad
Op 6 december 2019 werd verdachte in Rotterdam aangehouden op verdenking van overtreding van de Opiumwet. Tijdens de aanhouding verzette verdachte zich met geweld tegen politieambtenaren, waarbij hij een politieagent op het hoofd sloeg en een andere agent letsel aan de duim bezorgde. Verdachte vluchtte en werd na korte achtervolging opnieuw aangehouden, waarbij hij zich wederom verzette.
De verdediging voerde aan dat verdachte handelde uit noodweer of noodweerexces en stelde dat politieambtenaren buitensporig geweld hadden gebruikt, wat tot ernstig letsel bij verdachte had geleid. Het hof verwierp deze verweren en oordeelde dat het geweld van de politie noodzakelijk was en dat het letsel bij verdachte aan zichzelf te wijten was.
Het hof legde een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van één dag (gelijk aan het voorarrest) en een onvoorwaardelijke taakstraf op. Het hof hield rekening met de persoonlijke omstandigheden van verdachte en zijn positieve levenswending. De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde de strafoplegging en motivering van het hof.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot één dag gevangenisstraf en een taakstraf wegens wederspannigheid met letsel tegen politieambtenaren.