3.3Deze bewezenverklaring steunt op de volgende bewijsmiddelen, die zijn opgenomen in de aanvulling op het arrest:
“1. Een schriftelijk bescheid als bedoeld in artikel 344, eerste lid, aanhef en onder 5 van het Wetboek van Strafvordering (opgenomen op pagina 39 e.v. van het dossier van Politie Eenheid Noord-Nederland, proces-verbaalnummer: PL0100-2020135884 d.d. 25 mei 2020), te weten een beschikking van de burgermeester, onder meer inhoudende, zakelijk weergegeven:
De burgemeester van de gemeente [plaats] , gelast [verdachte] , geboren [geboortedatum] 1970 te [geboorteplaats] de woning gelegen aan:
[a-straat 1]
[postcode] [plaats]
onmiddellijk te verlaten en deze woning vanaf heden
14/05/2020 16:10 voor een periode van tien dagen, derhalve tot 24/05/2020 16:10
niet te betreden, noch daarin aanwezig te zijn of zich daarbij op te houden. Gedurende deze periode mag voornoemde persoon geen contact opnemen met de hierna genoemde personen die met deze persoon in dezelfde woning wonen of daarin anders dan incidenteel verblijven.
Gegevens uithuisgeplaatste
Geboorte-achternaam: [verdachte]
Voornamen: [verdachte]
Geboortedatum: [geboortedatum] 1970
Namen van degene(n) waarop het contactverbod van toepassing is:
(Geboorte-)achternaam
Voornamen
Geboortedatum
Relatie tot uithuisgeplaatste
[aangeefster]
[aangeefster]
[geboortedatum] 1970
echtgenote
[betrokkene 1]
[betrokkene 1]
[geboortedatum] 2013
kind
2. Een in de wettelijke vorm door een daartoe bevoegde opsporingsambtenaar opgemaakt proces-verbaal van aanhouding verdachte, d.d. 14 mei 2020 (opgenomen op pagina 26 e.v. van voornoemd dossier), voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven, als relaas van
verbalisanten [verbalisant 1] en [verbalisant 2]:
Op 14 met 2020, omstreeks 20.40 uur, kregen wij het verzoek van een centralist van het operationeel centrum te Drachten te gaan naar de [a-straat 1] te [plaats] in verband met het overtreden van een huisverbod.
Wij zagen in het meldingenscherm dat het huisverbod geldt voor [verdachte] , geboren op [geboortedatum] 1970 te [geboorteplaats] .
Wij liepen naar [a-straat 2] te [plaats] en zagen dat dit een twee-onder-een-kap woning betreft samen met [a-straat 1] . Wij klopten op de deur en zagen dat een man de deur opende, betreffende [verdachte] . Wij vertelden de verdachte [verdachte] dat hij is aangehouden betreffende overtreding van het huisverbod.
3. Een in de wettelijke vorm door een daartoe bevoegde opsporingsambtenaar opgemaakt proces-verbaal van bevindingen d.d. 18 mei 2020 (opgenomen op pagina 32 e.v. van voornoemd dossier), voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven, als relaas van
verbalisant [verbalisant 2]:
Op 14 mei 2020 was ik in uniform gekleed aanwezig aan het bureau van politie te Winschoten. Op verzoek van de meldkamer heb ik de voordeur van het bureau geopend omdat er iemand stond die wat wilde weten. Het was rond 19.30 uur die dag.
Nadat ik de voordeur had geopend bleek [verdachte] zich te melden. [verdachte] vertelde dat hij door de politie aangehouden was geweest en een huisverbod had gekregen.
In eerste instantie verklaarde [verdachte] de nacht door te willen brengen in zijn auto, maar vervolgens verklaarde hij dat hij wel naar de [a-straat 2] te [plaats] kon gaan om daar te slapen. Want het huisverbod stond op [a-straat 1] . Hierop heeft [verdachte] het huisverbod uit zijn auto gehaald en aan ons laten lezen. Hierop stond inderdaad vermeld dat het huisverbod gold voor het pand [a-straat 1] te [plaats] . Hierop hebben wij een gesprek gehad over het wel of niet kunnen slapen in [a-straat 2] . Hem uitgelegd dat hij bij een huisverbod in het geheel geen contact mag opnemen met de andere partij, in dit geval zijn partner. Mocht er contact zijn dan zou hij een probleem hebben want dan zou het huisverbod overtreden worden. Er is hem dan ook geadviseerd niet naar de [a-straat 2] te gaan om zo in ieder geval niet het risico te lopen toch het huisverbod te overtreden, maar op een andere plek onderdak te zoeken.
4. Een in de wettelijke vorm door een daartoe bevoegde opsporingsambtenaar opgemaakt proces-verbaal van verhoor verdachte d.d. 18 mei 2020 (opgenomen op pagina 34 e.v. van voornoemd dossier), voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven, als verklaring van
verdachte:
O: De verdachte wordt twee afbeeldingen getoond welke als bijlage bij dit proces-verbaal van verhoor wordt gevoegd.
V: Het klopt dat deze berichten van u afkomstig zijn?
A: Ja.
5. Het als bijlage bij het onder 4 genoemde proces-verbaal van verhoor verdachte gevoegde schriftelijk bescheid als bedoeld in artikel 344, eerste lid, aanhef en onder 5 van het Wetboek van Strafvordering, te weten sms-berichten:
Donderdag 14 mei 2020
Bedankt woon nu in de auto (18:01 uur)
Kan nergens heen heb helemaal niemand (18:20 uur)
Mag ik dat stretchbed? (20:41 uur)”