Conclusie
Inleiding
De zaak
onder 2tenlastegelegde feit, de openlijke geweldpleging. Naar het hof heeft vastgesteld, is wat betreft deze eerste fase niet te achterhalen van wie (welke groep) de eerste geweldshandeling afkomstig is. Wat wel vaststaat is dat toen over en weer geweld is gebruikt, onder meer en vooral door de verdachte. De tweede fase omvat de verplaatsing over de Oudezijds Achterburgwal richting de Stoofsteeg en ziet op het
onder 1tenlastegelegde, de mishandeling met het noodlottige gevolg. Deze opdeling in twee fasen vormt niet het mikpunt van het middel.
tweedetenlastegelegde feit (openlijke geweldpleging) heeft het hof anders geoordeeld. Omdat het hof de aanleiding daarvan niet heeft kunnen achterhalen, is het beroep van de verdediging op noodweer(exces) dienaangaande verworpen. Tegen dit oordeel richt het middel zich wel, althans voor zover het gaat om de
bedoelingdie de verdachte naar het oordeel van het hof zou hebben gehad met de bewezenverklaarde gedragingen.
Het middel
De bewezenverklaring, bewijsmiddelen en bewijsoverwegingen
1. Een proces-verbaal van verhoor getuige met nummer PL1300-2016191166-5 van 3 september 2016, in de wettelijke vorm opgemaakt door de bevoegde opsporingsambtenaar [verbalisant 1](…).
getuige [betrokkene 1]:
het hof begrijpt: Roemeens), klein van stuk, ongeveer 165 cm lang, hanenkam op zijn hoofd (
het hof begrijpt: [verdachte] ).
het hof begrijpt: Roemeens), stevig gespierd, ongeveer 170 cm lang. Gemillimeterd, donkerblond haar (
het hof begrijpt: [medeverdachte]).
het hof begrijpt: Roemeens), normaal postuur, ongeveer 180 cm lang. Kort, donker haar (
het hof begrijpt: [betrokkene 5]).
getuige [betrokkene 1]:
het hof begrijpt: de Molensteeg). We staken het bruggetje over. Ik was met [aangever] (
het hof begrijpt: [aangever]) en we stonden aan de overkant van het bruggetje. We moesten daar even wachten op de rest van de jongens. Op het bruggetje begon een opstootje tussen twee groepen. De rest van onze groep kwam tussen die twee groepen in, in ieder geval een groep met Polen, Oost-Europees (
het hof begrijpt: de groep Roemenen). Ik ben naar het bruggetje toegegaan en kreeg plotseling een klap op mijn neus waardoor ik een bloedneus opliep. Zoals u ziet heb ik daardoor nog een wond op mijn neus.
[betrokkene 2]:
het hof begrijpt: de Molensteeg). Eén groep was drie Roemenen. Ik zag dat mijn broer (
het hof begrijpt: [betrokkene 3]) op de grond viel. Ik ging meteen naar mijn broer en hij stond op en ik zag dat hij zijn hand voor zijn mond hield. Ik hoorde hem zeggen: “mijn tand, mijn tand”. Ik kan me herinneren dat het een drukke zaterdagavond op de wallen was en het was druk op de brug.
getuige [betrokkene 3]:
het hof begrijpt: de Molensteeg). Ik zag een drietal Oostblokkers. Onmiddellijk explodeerde de situatie. Ik zag dat de drie vermoedelijk Poolse mannen er op los sloegen. (...) Ik weet wel dat de drie Poolse mannen helemaal los gingen. Ik zag dat het drie blanke mannen waren. Ik zag dat een van de drie mannen niet langer dan 165 cm lang was. En de langste niet langer dan 180 cm. De derde man zat er tussenin qua lengte. De kleinste van de drie mannen was het agressiefst. Ik ben door een van de drie Poolse mannen (
het hof begrijpt hier en hiervoor steeds: Roemeense mannen) in mijn gezicht geslagen. Ik heb nu diverse pijnlijke plekken in mijn gezicht en een dikke opgezette lip en ik mis een voortand.
getuige [betrokkene 4]:
het hof begrijpt: de Molensteeg).
het hof begrijpt: [verdachte]).
getuige [betrokkene 4](waarbij ‘V’: staat voor een vraag van de verbalisant, en ‘A’ voor een antwoord van de getuige):
aangever [aangever]:
het hof begrijpt: de Molensteeg) ben ik mishandeld. Ik draaide me even om. Het volgende moment zag ik [betrokkene 3] op de grond liggen. Ik ben er naar toe gelopen. Op een meter of 3 van [betrokkene 3] vandaan kwam er toen iemand uit de menigte naar mij toe gestormd/gevlogen. Ik zag dat hij sprong. Zijn onderarm of vuist belandde op mijn schouder. Ik kon zien dat hij zijn arm sterk gespannen had, door zijn T-shirt met korte mouwen kon ik zien dat zijn armspieren gebald waren. Ik voelde vervolgens dat iets hard en met kracht op mijn schouder terecht kwam.
getuige [aangever]:
het hof begrijpt: [medeverdachte]).
verbalisant:
verbalisant:
het hof begrijpt: [verdachte]), [betrokkene 5] en [medeverdachte] (
het hof begrijpt: [medeverdachte]) richting de Oudezijds Achterburgwal.
verdachte [medeverdachte]:
het hof begrijpt: [verdachte] en [betrokkene 5]) voor mij. De groep jongens was op een brug. Wij liepen ook op de brug. Ik heb twee mensen met de vuist geslagen. Toen is de vechtpartij doorgegaan tot de voorkant van de seksclub met het grote rode teken (
het hof begrijpt: [A]). Dat hele stuk heb ik gevochten. Er werd gevochten met de vuisten. Ik heb met dezelfde groep personen gevochten."
[betrokkene 9]:
het hof begrijpt: [verdachte]) gedroeg zich agressief. Die kleine Pool nam een agressieve houding aan. Hij nam een bokshouding aan. Ik heb toen het horecateam gebeld. Ik heb gezegd dat het een groep was en dat ik dacht dat het Polen waren.
het hof begrijpt: [verdachte]). Ze kwamen uit de richting van het bruggetje bij de Molensteeg. Hij stond uitdagend met zijn handen te zwaaien in de richting van de brug Molensteeg.
getuige [betrokkene 8]:
het hof begrijpt: 3 september 2016) heb ik een vechtpartij gezien. Ik zag twee groepjes vechten. Ik zag dat erover en weer geslagen werd. Het was op dat moment heel druk op straat.”
Bewijsoverwegingen ten aanzien van het onder 2 tenlastegelegde
overall (het hof begrijpt: [betrokkene 3] ), gedroeg (‘vooral’) hij zich agressief, ging hij ‘uit zijn dak’ en zwaaide hij uitdagend met zijn handen. De getuige [betrokkene 8] heeft verklaard dat over en weer werd geslagen.
het hof begrijpt: de groep Voorthuizenaren). De verdachte en [medeverdachte] hebben geprobeerd [betrokkene 5] te ontzetten en ontvingen toen zelf klappen, waartegen de verdachte zich heeft verweerd. Op de beelden is onder meer te zien dat de groep Roemenen achteruitloopt en stop-gebaren maakt. Zij pogen zich aan het geweld te onttrekken (de-escaleren), terwijl de groep Voorthuizenaren vooruitloopt, opdrijft en geweldshandelingen verricht.
Het cassatiemiddel en de bespreking daarvan
Slotsom