Conclusie
1.Het cassatieberoep
2.Het eerste middel
op 21 april 2022:
op 10 mei 2022:
Parket bij de Hoge Raad
De verdachte werd door het gerechtshof Amsterdam veroordeeld tot vier jaar gevangenisstraf voor het importeren van 4.840 gram heroïne. Het cassatieberoep richtte zich op twee middelen: het niet binnen veertien dagen uitspreken na de inhoudelijke behandeling en het enkelvoudig sluiten van de zitting.
De Hoge Raad oordeelde dat het onderbreken van de zitting vanwege een aanstaande vakantieperiode geen zwaarwegende reden is, maar dat dit geen reden tot cassatie geeft. Het enkelvoudig sluiten van het onderzoek door één raadsheer is volgens de huidige wet niet toegestaan, maar de verdachte had geen belang bij cassatie omdat de inhoudelijke behandeling volledig door een meervoudige kamer was verricht en de verdachte afstand had gedaan van het recht op aanwezigheid bij sluiting.
Het tweede middel slaagde: de inzendtermijn van het cassatieberoep werd met zeven weken overschreden, wat een schending van de redelijke termijn inhoudt. Dit leidt tot vermindering van de opgelegde gevangenisstraf naar de gebruikelijke maatstaf. De Hoge Raad vernietigt daarom het arrest van het hof uitsluitend wat betreft de strafoplegging en verwerpt het beroep voor het overige.
Uitkomst: De gevangenisstraf wordt verminderd wegens overschrijding van de redelijke termijn.