Conclusie
1.Inleiding
2.Het eerste middel
Bewijsoverweging
ze voll gaan bosse". [voornaam medeverdachte] zegt het nieuwe account en dat ze ze 'kk' hard gaan aanpakken. Hij heeft nu al 20 mensen, 10 oude mannen. Hierop stuurt [voornaam medeverdachte] een screenshot van een foto van een man met ontbloot bovenlijf. [verdachte] zegt dat [voornaam medeverdachte] zich moet voordoen als 15, 16 of 17 jaar en dan slaan ze ze helemaal de "kk'".
Gaan we jij ik [naam 2] poeperd", "
We gaan hem kkr hard bossen". [voornaam medeverdachte] stuurt hierop een screenshot van een foto met de naam ' [naam 3] ' en de plaatsnaam ' [plaats] '. Vervolgens stuurt [voornaam medeverdachte] dat deze vanavond wilt komen.
ze vanavond kkr hard gaan bossen", want hij moet stress kwijt. [verdachte] zegt dat [voornaam medeverdachte] tegen die man moet zeggen dat hij 15 jaar is en een heel groot poepgat heeft. [voornaam medeverdachte] zegt dat ze er vanavond, morgen en zaterdag eentje hebben.
Ik liet die man zwemmen gister jonge".
Ja kk hond"
Ik moest t water in"
Hij was bijna dood"
(i)“het hof ten onrechte, althans op onjuiste, onbegrijpelijke en/of ontoereikende gronden” het medeplegen bewezen heeft verklaard. Hiertoe wordt aangevoerd dat uit de door het hof gebezigde bewijsmiddelen niet kan worden afgeleid dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan de wederrechtelijke vrijheidsberoving dan wel diefstal met geweld van [slachtoffer 2] . Dat de telefoon van verdachte nabij de plaats van het delict is geweest, is daartoe onvoldoende. Datzelfde geldt voor de in die telefoon aangetroffen chatberichten. Bovendien hadden die berichten betrekking op [slachtoffer 1] en werd daar niet gesproken over wederrechtelijke bevoordeling of vrijheidsberoving. Nergens uit blijkt dat verdachte daadwerkelijk aanwezig is geweest, laat staan dat kan worden gesproken van een nauwe en bewuste samenwerking. Verder
(ii)“heeft het hof niet gemotiveerd dat en waarom” bij verdachte dubbel opzet heeft bestaan en ontbreekt volgens de steller van het middel
(iii)“een dragende redengeving voor opzet op het gebruik van geweld dat de kwalificatie van art. 312 Sr Pro rechtvaardigt”. De deelklachten lenen zich voor een gezamenlijke bespreking.