Conclusie
1.Inleiding
2.Waar het in cassatie om gaat
3.Het eerste middel
[betrokkene 2]en
[betrokkene 3].
[betrokkene 5] , [betrokkene 6] , [betrokkene 7] , [betrokkene 8] , [betrokkene 9]en nog een paar andere. Ook eentje met een klein hoofdje een donkere jongen. Ja, die heet [betrokkene 10] . [betrokkene 5] is de leider, om het maar even zo te zeggen. Er is ook nog iemand in [plaats] . Die in [plaats] is volgens mij een tweeling. Een van de tweeling is niet helemaal goed. Ik weet hun naam niet. Er is ook een meisje. Dat is de ex van [betrokkene 5] . Zij belt. Ze heet [betrokkene 11] . Ze woont in [wijk] . Ze noemen haar [bijnaam betrokkene 11] of [bijnaam betrokkene 11] ’. Volgens haar is [betrokkene 5] de leider en hij geeft de opdrachten.
[betrokkene 12]:
[betrokkene 13]heeft [medeverdachte 6] ook verklaard dat het iemand uit de groep is.
De vaststelling van het wederrechtelijk verkregen voordeel
€ 119.466,28
‘Opbrengsten’op pagina 4 in het arrest is abusievelijk bij zaaksdossier 35 als benadeelde partij [benadeelde 9] opgenomen (met een bedrag van € 11.360,00). Dit bedrag dient derhalve afgetrokken te worden van het totaalbedrag aan opbrengsten ad € 388.261,95, waarna er een bedrag van € 376.901,95 resteert.
€ 116.185,62
1. Het vonnis van de rechtbank Den Haagd.d. 29 april 2019 met parketnummer 09-842210-14. Dit vonnis houdt onder meer in dat ten aanzien van betrokkene bewezen verklaard is dat:
Rolverdeling [medeverdachte 2] , [verdachte] en [medeverdachte 1]
4.Het tweede middel
Rolverdeling [medeverdachte 2] , [verdachte] en [medeverdachte 1]