Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
veroordeelde,
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.De vordering
3.Grondslag van de vordering
4.Het wederrechtelijk verkregen voordeel
,bestaande uit een deel van € 2.849.000,00 overgemaakt aan [bedrijf 3] en een deel van € 2.430.000,00 aan [bedrijf 2] .
(de rechtbank begrijpt: conservatoire)beslagen onder de veroordeelden.
5.De verplichting tot betaling
6.Toepasselijke wettelijke voorschriften
7.Beslissing
[naam veroordeelde]de verplichting tot betaling van € 459.393.79 (vierhonderdnegenenvijftigduizenddriehonderddrieënnegentig euro en negenenzeventig cent) aan de Staat, vermeerderd met de daadwerkelijk opgebouwde rente over het in totaal in beslag genomen bedrag van € 9.296,80 vanaf 7 juni 2012 respectievelijk 6 april 2012 en 7 november 2013 tot aan de dag van de daadwerkelijke ontneming.