ECLI:NL:RBARN:2012:BX8227
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling navorderingsaanslag vermogensbelasting en redelijke termijn overschrijding
Eisers, de erven van de overleden erflaatster, betwisten de navorderingsaanslag vermogensbelasting 2000 opgelegd door verweerder met toepassing van de verlengde navorderingstermijn. De aanslag betreft in het buitenland aangehouden vermogensbestanddelen die niet waren aangegeven. Eisers stellen dat verweerder onvoldoende voortvarend heeft gehandeld en dat sprake is van ongelijke behandeling. Tevens vorderen zij vergoeding van immateriële schade wegens overschrijding van de redelijke termijn.
De rechtbank oordeelt dat verweerder voldoende voortvarend heeft gehandeld, ondanks enkele reactietermijnen van enkele maanden, gezien de complexiteit van de zaak en de noodzaak tot het inwinnen van collegiale inlichtingen. De verlengde navorderingstermijn is niet in strijd met het gelijkheidsbeginsel, en de regeling voor vrijwillige verbetering betreft slechts het niet opleggen van een vergrijpboete, niet de hoogte van de aanslag.
Met betrekking tot de redelijke termijn constateert de rechtbank een overschrijding van ongeveer één jaar, die geheel aan verweerder kan worden toegerekend. Daarom kent de rechtbank een immateriële schadevergoeding van €1.000 toe aan eisers. Het beroep wordt ongegrond verklaard en verweerder wordt veroordeeld tot betaling van deze schadevergoeding.
Uitkomst: Beroep ongegrond verklaard en immateriële schadevergoeding van €1.000 toegekend wegens overschrijding redelijke termijn.