ECLI:NL:RBBRE:2007:BB2625
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- A.F.M.Q. Beukers-van Dooren
- A.A. den Hartog
- A.J. Kromhout
- Rechtspraak.nl
Geen heffing overdrachtsbelasting bij voorlopige koopovereenkomst met sloop en woonruimtevergoeding
De rechtbank Breda behandelde een geschil over de naheffingsaanslag overdrachtsbelasting opgelegd aan een maatschap die een onroerende zaak had gekocht met afspraken over sloop en woonruimtevergoeding. De maatschap had een voorlopige koopovereenkomst gesloten waarbij de verkoper de opstallen zou slopen voor rekening van de koper en een vergoeding voor vervangende woonruimte zou betalen.
De rechtbank stelde vast dat de maatschap slechts het recht op levering van het bouwterrein had verkregen, afhankelijk van het al dan niet verkrijgen van een sloopvergunning. Dit recht op levering werd niet aangemerkt als economische eigendomsoverdracht in de zin van de Wet op belastingen van rechtsverkeer (WBR). De bepalingen over woonruimtevergoeding en kostenverdeling wijken niet wezenlijk af van standaard voorlopige koopovereenkomsten.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond en vernietigde de naheffingsaanslag overdrachtsbelasting. Het beroep tegen de boete werd niet-ontvankelijk verklaard omdat de boete inmiddels was vervallen. De inspecteur werd veroordeeld in de proceskosten en het betaalde griffierecht werd aan belanghebbende vergoed.
Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof te ’s-Hertogenbosch.
Uitkomst: De naheffingsaanslag overdrachtsbelasting wordt vernietigd omdat geen economische eigendomsoverdracht heeft plaatsgevonden.