ECLI:NL:RBBRE:2012:BX9528
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Naheffingsaanslag loonheffing wegens fictieve dienstbetrekking Poolse arbeidskrachten
Belanghebbende had in 2005 en 2006 werkzaamheden uitgevoerd waarbij Poolse arbeidskrachten betrokken waren. De inspecteur legde een naheffingsaanslag loonheffing en premie volksverzekeringen op, omdat de arbeidsverhoudingen als fictieve dienstbetrekkingen werden aangemerkt. De rechtbank concludeert dat de Poolse arbeidskrachten onder gezag van belanghebbende werkten en persoonlijk verplicht waren tot arbeid, wat duidt op een arbeidsovereenkomst.
De rechtbank stelt vast dat belanghebbende een spilfunctie vervulde tussen de Poolse arbeidskrachten en de opdrachtgevers, regelde huisvesting, vervoer, facturering en beloning, en dat de Poolse arbeidskrachten niet zelfstandig waren. De inspecteur heeft terecht het anoniementarief toegepast vanwege het ontbreken van loonbelastingverklaringen. Wel acht de rechtbank aannemelijk dat een provisie van de tussenpersoon ten onrechte is meegenomen in de naheffingsaanslag.
De boete wordt gematigd vanwege de omkering van de bewijslast en de overschrijding van de redelijke termijn. Het beroep van belanghebbende wordt gegrond verklaard, de naheffingsaanslag en boete worden verminderd, en de inspecteur wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Naheffingsaanslag loonheffing en boete verminderd wegens fictieve dienstbetrekking en onterechte provisie, beroep gegrond verklaard.