ECLI:NL:RBDHA:2013:19636
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - meervoudig
- R.A. Sipkens
- A.H. van Zutphen
- H.T. Masmeyer
- Rechtspraak.nl
Beoordeling inreisverbod en toepassing artikel 1F Vluchtelingenverdrag bij Afghaanse asielzoeker
Eiser, van Afghaanse nationaliteit, is in het verleden als officier werkzaam geweest bij de KhAD/WAD en wordt op grond van artikel 1F van het Vluchtelingenverdrag uitgesloten van bescherming. De rechtbank stelt vast dat deze toepassing onherroepelijk is en dat nieuwe feiten of veranderde omstandigheden niet tot herbeoordeling leiden.
Verweerder heeft de ongewenstverklaring ingetrokken en een inreisverbod van tien jaar opgelegd, omdat eiser een gevaar vormt voor de openbare orde. Eiser betwist dit en voert onder meer aan dat het inreisverbod in strijd is met de Terugkeerrichtlijn en het EVRM, met name artikel 3 en Pro 8. De rechtbank oordeelt dat het inreisverbod rechtmatig is, mede omdat het terugkeerbesluit geldig is en het verbod niet in strijd is met het non-refoulementbeginsel.
De rechtbank gaat ook in op de langdurige procedure en constateert dat de redelijke termijn voor besluitvorming mogelijk is overschreden, waardoor de procedure wordt heropend voor een mogelijke schadevergoeding wegens termijnoverschrijding. Het beroep wordt echter ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen het inreisverbod wordt ongegrond verklaard en het inreisverbod van tien jaar wordt gehandhaafd.