ECLI:NL:RVS:2012:BW4915
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- M.G.J. Parkins de Vin
- H. Troostwijk
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake ongewenstverklaring vreemdeling wegens gevaar nationale veiligheid
De minister van Immigratie en Asiel verklaarde een Bulgaarse vreemdeling ongewenst in Nederland vanwege een gevaar voor de nationale veiligheid, gebaseerd op een ambtsbericht van de AIVD. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond en vernietigde het besluit van de minister. De minister stelde hoger beroep in bij de Raad van State.
De Raad van State oordeelde dat de rechtbank ten onrechte had geoordeeld dat het ambtsbericht onvoldoende onderbouwing bood voor het gevaar dat de vreemdeling vormde. Uit de onderliggende stukken bleek immers dat de vreemdeling via versluierd taalgebruik opdrachten ontving van een hoger kaderlid van de DHKP/C, een terroristische organisatie. De Raad stelde vast dat de minister het besluit niet in strijd met het recht op een eerlijk proces had genomen, ondanks beperking van kennisneming van vertrouwelijke stukken.
Verder verwierp de Raad de bezwaren van de vreemdeling dat haar familie- en privéleven onevenredig werd aangetast en dat haar hoorplicht was geschonden. De Raad concludeerde dat het beroep van de vreemdeling ongegrond was en vernietigde de uitspraak van de rechtbank, waarmee het besluit van de minister werd bekrachtigd.
Uitkomst: Het hoger beroep van de minister wordt gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en het beroep van de vreemdeling ongegrond verklaard.