ECLI:NL:RBDHA:2015:11141
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens ontbreken medische noodsituatie en toepasselijkheid artikel 64 Vreemdelingenwet
Eiser, van Guinese nationaliteit, verzocht om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. Na een eerdere gedeeltelijke vernietiging van het besluit door de rechtbank, werd het verzoek opnieuw afgewezen door verweerder op grond van artikel 31 Vw Pro 2000 en artikel 64 Vw Pro 2000. De rechtbank stelde vast dat de geloofwaardigheid van het asielrelaas niet opnieuw beoordeeld kon worden vanwege het ontbreken van nieuwe feiten of omstandigheden.
Eiser voerde aan dat een rapport van het Instituut voor Mensenrechten en Medisch Onderzoek (IMMO) nieuwe feiten bevatte en dat de medische situatie aanleiding gaf tot verlening van een verblijfsvergunning. De rechtbank oordeelde echter dat het IMMO-rapport geen nieuw feit was en dat het BMA-advies, waarop verweerder zich baseerde, zorgvuldig en inzichtelijk was. De medische situatie van eiser leidde niet tot een medische noodsituatie zoals bedoeld in artikel 64 Vw Pro 2000.
Verder stelde de rechtbank vast dat het uitblijven van medische behandeling niet op korte termijn tot een medische noodsituatie zou leiden en dat de behandelmogelijkheden in Guinee aanwezig zijn. Ook werd geoordeeld dat geen uitzonderlijke omstandigheden in de zin van artikel 3 EVRM Pro aanwezig zijn die uitzetting zouden verhinderen.
Het beroep is daarom ongegrond verklaard en eiser wordt niet toegelaten tot een verblijfsvergunning op grond van zijn medische situatie of artikel 64 Vw Pro 2000.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard en de aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel wordt afgewezen wegens het ontbreken van een medische noodsituatie en toepasselijkheid van artikel 64 Vw 2000.