ECLI:NL:RBDHA:2018:10647
Rechtbank Den Haag
- Proceskostenveroordeling
- Rechtspraak.nl
Beroep gegrond tegen niet opheffen zwaar inreisverbod bij herhaalde asielaanvraag
Eiser, van Turkse nationaliteit, diende een herhaalde asielaanvraag in nadat eerdere aanvragen waren afgewezen wegens gedragingen als bedoeld in artikel 1(F) van het Vluchtelingenverdrag en een tienjarig inreisverbod was opgelegd. De rechtbank oordeelt dat verweerder ten onrechte heeft gesteld dat het Unierechtelijk criterium voor openbare orde niet op eiser van toepassing is, en vernietigt het besluit voor zover het het inreisverbod niet opheft.
De rechtbank stelt vast dat eiser belang heeft bij beoordeling van het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag, maar dat geen nieuwe feiten zijn aangevoerd die de eerdere beoordeling kunnen wijzigen, zodat dit beroep ongegrond wordt verklaard.
Verweerder wordt veroordeeld in de proceskosten van eiser. De uitspraak is gedaan door een meervoudige kamer van de rechtbank Den Haag op 9 augustus 2018. Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet opheffen van het inreisverbod is gegrond verklaard en dat deel van het besluit vernietigd; het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag is ongegrond verklaard.