Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
uitspraak van de meervoudige kamer van 24 september 2019 in de zaken tussen
[eiser] , domicilie kiezende te [plaats] , eiser
de inspecteur van de Belastingdienst, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
- voor alle jaren sprake is van een navordering rechtvaardigend nieuw feit;
- ter zake van de navorderingsaanslagen de verlengde navorderingstermijn van toepassing is;
- eiser in de onderhavige jaren zijn fiscale woonplaats in Nederland had en als binnenlands belastingplichtige moet worden aangemerkt;
- de door verweerder aangebrachte correcties terecht zijn;
- de vergrijpboetes terecht zijn en naar de juiste bedragen zijn opgelegd.
De rekening bij de Spaanse Bank is in 2007 geopend omdat[eiser]
vaak in Spanje, in de buurt van zijn dochter, verblijft waar hij een appartementje huurt.”. Hieruit valt op te maken dat eiser zijn standpunt omtrent zijn binnenlandse belastingplicht tot dan toe nog niet heeft gewijzigd ten opzichte van de ingediende aangiften.
geeft aan dat[eiser]
en zijn[echtgenote]
al meer dan 20 jaar in Nederland wonen maar dat het verzoek om Nederlanderschap voor de vrouw steeds wordt afgewezen.”. Eiser heeft tot op heden, na daartoe ook nadrukkelijk door verweerder in de gelegenheid te zijn gesteld, nimmer aangegeven dat deze weergave van het hoorgesprek onjuist is. Gelet op deze feiten en omstandigheden heeft verweerder aannemelijk gemaakt dat eiser in de periode 2004 tot en met 2011 in Nederland woonachtig was in de zin van artikel 4 van Pro de Awr.