Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
eisende partij,
gemachtigde: mr. J. Kaldenberg,
gedaagde partij,
gemachtigde: mr. R. van Arkel.
1.Procedure
(…) De indexatie verplichting met betrekking tot de voor het personeel geldende pensioenregeling wordt gefinancierd door afdrachten aan de pensioenverzekeraar. De verschuldigde premie voor de deelnemers van vóór 2001 wordt ten laste van de voorziening gebracht (2015: € 59.367,- en 2014: € 50.178,-). De verschuldigde premie voor de deelnemers na 2001 wordt als last in de staat van baten en lasten verantwoord.
3.Vordering, grondslag en verweer
4.Beoordeling
pensioenaanspraak: het recht op een nog niet ingegaan pensioen, uitgezonderd overeengekomen voorwaardelijke toeslagverlening’
Kamerstukken II2005/2006, 30413, nr. 3, p. 172):
Kamerstukken I, 2006-2007, 30 413, C, pag. 11):
Kamerstukken II2005-2006, 30413, nr. 17, p. 34) een andere opinie is terug te vinden, zoals Fractiebureau CDA heeft aangevoerd, doet daar naar het oordeel van de kantonrechter niet aan af. Daarbij is van belang dat deze Nota dateert van een eerder moment in de Parlementaire Geschiedenis dan de Memorie van Antwoord zoals deze hiervoor is vermeld, terwijl daarnaast in laatstgenoemde Memorie zeer expliciet duidelijk wordt gemaakt dat een onvoorwaardelijke toeslagverlening niet door een wijzigingsbeding kan worden aangetast. Voor zover daar eerder anders over werd gedacht, is daar dus in ieder geval van teruggekomen.
Stichting Katholieke Scholengroep)). Als in de wettelijke regel al een afweging van belangen door de wetgever besloten ligt, zal een beroep op de genoemde redelijkheid en billijkheid alleen in heel uitzonderlijke gevallen kunnen slagen.