Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
wonende te [woonplaats] ,
eisende partij,
gemachtigden: mr. C.P.R.M. Dekker en P.G.J. Jung,
Stichting Pensioenfonds van de Metalektro,
gedaagde partij,
gemachtigden: mr. A. ter Horst en mr. N.T.C. Vuik.
1.Procedure
- de dagvaarding van 9 mei 2019, met producties 1 tot en met 5;
- de conclusie van antwoord, met producties 1 en 2;
- de comparitieaantekeningen zijdens PME.
2.Feiten
oudedagspensioen, wel
pensioenverrekeningheeft gewild. In zijn
Pensioenarrest(27 november 1981: NJ 1982 nr. 503) zijn hiertoe enige aanwijzingen te vinden.
rentestandkorting.(…)”
3.Vordering
€ 50.000,00. Ten slotte vordert [eiseres] veroordeling van PME in de kosten van deze procedure.
4.Verweer
5.Beoordeling
Ontvankelijkheid
NJ 1982/503(Boon/Van Loon) is voor het eerst geoordeeld dat het ouderdomspensioen en het nabestaandenpensioen bij echtscheidingen moest worden verdeeld onder ex-echtgenoten. In dit arrest werd uiteengezet hoe dit diende te gebeuren. Deze situatie gold tot 30 april 1995, toen de Wet verevening pensioenrechten bij scheiding van kracht werd. De echtscheiding van [eiseres] en [de man] in 1994 vond aldus plaats in de periode dat er zogenaamde Boon/Van Loon-berekeningen werden gemaakt.