ECLI:NL:RBDHA:2021:11582
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit herbeoordeling Servië als veilig land van herkomst wegens onvoldoende motivering
Eiseres betoogde dat het bestreden besluit, waarin Servië als veilig land van herkomst werd aangemerkt, niet voldeed aan de wettelijke vereisten van de Procedurerichtlijn en het Vreemdelingenbesluit 2000. De rechtbank stelde vast dat de herbeoordeling van Servië in 2017 en de nadere onderbouwing in 2019 niet waren gebaseerd op alle voorgeschreven bronnen, zoals informatie van het EASO en de Raad van Europa, en dat verweerder onvoldoende had gemotiveerd waarom deze bronnen niet waren gebruikt.
De rechtbank oordeelde dat het besluit niet zorgvuldig was voorbereid en onvoldoende was gemotiveerd, mede omdat de herbeoordeling niet binnen de vereiste termijn van twee jaar had plaatsgevonden en de motivering niet inzichtelijk was. Verweerder had weliswaar een nadere onderbouwing gegeven, maar deze voldeed niet aan de eisen van transparantie en volledigheid zoals vereist door jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit en oordeelde dat eerst een nieuwe, volledige herbeoordeling van Servië moet plaatsvinden met inachtneming van de relevante wettelijke bepalingen en jurisprudentie. Tevens werd verweerder veroordeeld tot betaling van de proceskosten van eiseres. De uitspraak benadrukt het belang van een transparante, volledige en actuele beoordeling bij het aanwijzen van veilige landen van herkomst.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en verweerder moet een nieuwe herbeoordeling van Servië uitvoeren.