ECLI:NL:RBDHA:2021:11837
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek vrijstelling mvv-vereiste bij gezinshereniging wegens ontbreken bijzondere omstandigheden
Eiseres, een Filipijnse nationaliteit houdende vrouw die sinds 2008 zonder verblijfsvergunning in Nederland verblijft, verzocht om een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd als gezinslid bij haar echtgenoot en drie kinderen. Verweerder wees de aanvraag af vanwege het ontbreken van een geldige machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) en verklaarde het bezwaar ongegrond. Eiseres stelde dat het mvv-vereiste in strijd is met de Gezinsherenigingsrichtlijn, het Unierechtelijk evenredigheidsbeginsel en artikel 8 EVRM Pro, en dat zij op grond van de hardheidsclausule vrijstelling behoort te krijgen.
De rechtbank overwoog dat het mvv-vereiste op zichzelf niet in strijd is met het Unierechtelijk evenredigheidsbeginsel en de Gezinsherenigingsrichtlijn, mits verweerder de bijzondere persoonlijke omstandigheden beoordeelt. Eiseres had onvoldoende bijzondere feiten aangevoerd die het onevenredig bezwarend maken om het mvv-vereiste toe te passen. Ook de belangenafweging op grond van artikel 8 EVRM Pro was zorgvuldig gemaakt door verweerder, waarbij het belang van de Nederlandse samenleving en het feit dat het gezinsleven ook in de Filipijnen voortgezet kan worden, meegewogen zijn.
Verder was het verzoek tot hoorzitting door verweerder terecht afgewezen omdat geen nieuwe feiten waren aangevoerd. Het beroep werd ongegrond verklaard en een proceskostenveroordeling werd niet toegewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van het verzoek tot vrijstelling van het mvv-vereiste wordt ongegrond verklaard.