Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiseres] , geboren op [geboortedatum 1] , eiseres,
V-nummer: [nummer]
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
ProcesverloopBij besluit van 1 november 2019 (het bestreden besluit) heeft verweerder de aan eiseres verleende verblijfsvergunning asiel voor onbepaalde tijd ingetrokken met terugwerkende kracht tot de ingangsdatum, 29 november 2011. Daarnaast heeft verweerder de aan eiseres verleende verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingetrokken met terugwerkende kracht tot 30 november 2005. Tevens heeft verweerder geweigerd aan eiseres een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen of uitstel van vertrek. Verder is aan eiseres een terugkeerbesluit opgelegd en een inreisverbod voor de duur van twee jaar.Eiseres heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld.
Overwegingen
- haar identiteit;
- relatie tot haar meegereisde gezinsleden
- de identiteitsgegevens van meegereisde gezinsleden;
- het al dan niet bestaan van familieleden in Irak en Nederland;
- haar burgerlijke staat;
- het bezit van (reis)documenten;
- het werk van haar gestelde broer en de problemen voortvloeiend daaruit;
- het gebied van herkomst en verblijfplaats voorafgaand aan en ten tijde van haar vertrek uit Irak;
- de (directe) aanleiding voor haar vertrek en motieven voor haar komst naar Nederland;
- de omstandigheden waarin zij en haar familieleden zich op dat moment hebben bevonden;
- haar vertrekdatum en reisroute;
- de situatie ten tijde van haar asielaanvraag hier te lande;
De actuele schending van het Vluchtelingenverdrag / het actuele reële risico op ernstige schade
Het nieuwe asielrelaas
Eiseres heeft tot slot nog aangevoerd dat zij niet kan terugkeren naar Irak omdat zij een alleenstaande vrouw is en omdat zij vreest voor eergerelateerd geweld vanwege haar buitenechtelijke zwangerschap.
Het standpunt van verweerder
Het oordeel van de rechtbank
De geloofwaardigheid van de relevante elementen van het asielrelaas
Het standpunt van verweerder
Het standpunt van eiseres
Het oordeel van de rechtbank
close personal ties’ enigszins geconcretiseerd door enkele factoren te benoemen. De aanwezigheid van familie- of gezinsleven kan volgens het EHRM worden aangeduid met factoren als de duur van de relatie, de kwaliteit van de relatie en de rol die de volwassene in het leven van het kind speelt. Voorts komt in de rechtspraak van het EHRM naar voren dat de mate van gehechtheid een belangrijke rol kan spelen bij de eerbiediging van het recht op familie- en gezinsleven (vgl. het arrest van het EHRM in de zaak [naam 16] tegen Noorwegen van 28 oktober 2010, ECLI:CE:ECHR:2010:1028JUD00525020). Echter, nu het in dit geval gaat om de band tussen meerderjarige pleegdochters en hun pleegouder, dient inmiddels sprake te zijn van ‘
more than normal emotional ties’ (een meer dan gebruikelijke afhankelijkheidsrelatie).
Uitstel van vertrek op grond van artikel 64 van Pro de Vw 2000
Het BMA-advies van 30 september 2019
Volgens de BMA-arts is eiseres in staat te reizen. Voor langere verplaatsingen op het vliegveld moet eiseres gebruik kunnen maken van een rolstoel of een vergelijkbare voorziening. Verder wordt aanbevolen dat eiseres een schriftelijke overdracht van de medische gegevens meeneemt, om de medicatie te continueren tijdens de reis en om voldoende medicatie mee te nemen ter overbrugging van de reis.
Het standpunt van verweerder in het bestreden besluit
Het standpunt van eiseres
Het oordeel van de rechtbank
Eiseres heeft in beroep echter nieuwe medische informatie overgelegd waaruit kan worden afgeleid dat de bloedwaardes van eiseres elke zes weken moeten worden onderzocht, omdat haar schildklierproblematiek niet stabiel is en de dosis van het schildklierhormoon op haar bloedwaardes moet worden afgestemd. Deze informatie was ten tijde van het bestreden besluit niet bekend. Verweerder heeft op deze nieuwe informatie in beroep echter niet gereageerd en heeft in beroep hierover geen standpunt ingenomen. De rechtbank stelt daarbij vast dat uit het BMA-advies niet blijkt of deze benodigde medische zorg – al dan niet op andere wijze georganiseerd – ook aanwezig is in Irak. De enkele vermelding dat in Bagdad een huisarts en een internist aanwezig zijn, acht de rechtbank onvoldoende omdat daaruit niet blijkt of dit tevens de hiervoor omschreven benodigde medische zorg omvat. Nu duidelijkheid op dit punt ontbreekt heeft verweerder niet mogen nalaten in beroep hierover een standpunt in te nemen. Gelet op het bepaalde in artikel 83, eerste lid, van de Vw 2000 moet de rechtbank bij de beoordeling van het beroep rekening houden met feiten en omstandigheden die na het bestreden besluit zijn aangevoerd en die relevant kunnen zijn door het achterwege laten van de uitzetting op grond van artikel 64 van Pro de Vw 2000. Dit betekent dat verweerder zijn standpunt dat artikel 64 van Pro de Vw 2000 niet van toepassing is omdat in Irak de voor eiseres noodzakelijke behandeling en medicatie aanwezig is, gelet op hetgeen eiseres hieromtrent in beroep heeft aangevoerd, onvoldoende heeft gemotiveerd. Er bestaat daarom ook om die reden aanleiding om het beroep gegrond te verklaren en het bestreden besluit te vernietigen.
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit, voor zover verweerder heeft nagelaten een Unierechtelijke evenredigheidsbeoordeling te maken en voor zover het betrekking heeft op de ambtshalve beoordeling van de reguliere verblijfsvergunning en van artikel 64 van Pro de Vw 2000;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiseres tot een bedrag van € 1.068,00.
H.J. Renders, griffier.