ECLI:NL:RBDHA:2022:13534
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- B.F.Th. de Roos
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen asielbesluit wegens ontbreken procesbelang
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid waarbij zijn asielaanvraag is ingewilligd en hem een verblijfsvergunning op grond van artikel 29, eerste lid, aanhef en onder b, van de Vreemdelingenwet 2000 is toegekend.
De rechtbank heeft ambtshalve onderzocht of er sprake is van procesbelang. Eiser stelde dat zijn naam en nationaliteit onjuist waren geregistreerd, maar verweerder heeft toegelicht dat deze gegevens inmiddels correct zijn overgenomen uit de Basisregistratie Personen. De rechtbank oordeelde dat de asielprocedure niet de juiste weg is om correctie van registratie te verkrijgen en dat eiser geen procesbelang heeft bij het beroep.
Daarnaast is vaste rechtspraak dat een vreemdeling die een verblijfsvergunning op b-grond heeft gekregen geen procesbelang heeft om door te procederen voor een vergunning op a-grond. De rechtbank verklaarde het beroep daarom niet-ontvankelijk en veroordeelde verweerder niet in de proceskosten omdat vanaf het begin geen procesbelang bestond.
De uitspraak is gedaan door rechter B.F.Th. de Roos op 9 december 2022 in Middelburg en is openbaar gemaakt via rechtspraak.nl. Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen vier weken na bekendmaking.
Uitkomst: Het beroep van eiser is niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van procesbelang.