ECLI:NL:RBDHA:2022:6583
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep gegrond wegens niet tijdig besluit asielaanvraag met termijnstelling
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn asielaanvraag. De rechtbank constateert dat verweerder de beslistermijn van zes maanden, zoals bepaald in de Vreemdelingenwet 2000, heeft overschreden zonder verlenging en dat eiser rechtsgeldig ingebreke is gesteld. Het beroep is derhalve kennelijk gegrond.
De rechtbank stelt vast dat eiser reeds inhoudelijk is gehoord, maar dat er indicaties zijn dat hij internationale bescherming geniet in Griekenland. Daarom wordt verweerder opgedragen binnen zestien weken alsnog een besluit te nemen, conform het 8+8-wekenmodel, waarbij rekening wordt gehouden met recente feitenonderzoeken.
Eiser verzocht om een dwangsom, maar de rechtbank wijst dit af vanwege de Tijdelijke wet opschorting dwangsommen IND die van toepassing is. Verder veroordeelt de rechtbank verweerder in de proceskosten van €379,50. De uitspraak is gedaan zonder zitting en partijen hebben niet gereageerd op het voornemen tot uitspraak.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en verweerder wordt opgedragen binnen zestien weken alsnog een besluit te nemen op de asielaanvraag.