ECLI:NL:RBDHA:2023:21231
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens Dublinverordening en Kroatië-verantwoordelijkheid
Eisers, met de Russische nationaliteit, hebben beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris om hun asielaanvraag niet in behandeling te nemen omdat Kroatië verantwoordelijk is volgens de Dublinverordening.
Eisers stelden dat Kroatië systematische tekortkomingen vertoont, zoals pushbacks, geweld en gebrekkige opvang, waardoor overdracht aan Kroatië zou leiden tot schending van artikel 3 EVRM Pro en artikel 4 Handvest Pro. Zij verwezen naar rapportages en eerdere uitspraken ter onderbouwing van hun risico's.
De rechtbank oordeelde dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel nog steeds geldt en dat eisers onvoldoende aannemelijk hebben gemaakt dat zij een reëel risico lopen op schending van fundamentele rechten bij overdracht aan Kroatië. Er zijn geen concrete aanwijzingen voor systematische tekortkomingen die een uitzondering rechtvaardigen.
Ook het verzoek om een voorlopige voorziening werd niet-ontvankelijk verklaard. De rechtbank wees het beroep af en gaf geen proceskostenvergoeding toe.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening niet-ontvankelijk.