ECLI:NL:RBDHA:2023:5642
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens Dublinverordening afgewezen
Eiser, een Syrische asielzoeker, diende op 19 augustus 2022 een asielaanvraag in Nederland in. Verweerder nam deze aanvraag niet in behandeling omdat Italië op grond van de Dublinverordening verantwoordelijk is, gezien eiser op 6 juli 2022 illegaal Italië was binnengekomen.
Eiser voerde aan dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel niet langer geldt vanwege een circular letter van Italië die tijdelijke opschorting van overdrachten aankondigt wegens opvangproblemen. De rechtbank oordeelde dat dit slechts een tijdelijk feitelijk overdrachtsbeletsel betreft en geen fundamentele systeemfout zoals bedoeld in het arrest Jawo.
De rechtbank stelde vast dat Italië niet onverschillig is over opvangproblemen en dat het opschorten van overdrachten juist voorkomt dat asielzoekers zonder opvang komen te zitten. Eiser slaagde er niet in aannemelijk te maken dat Italië zijn verdragsverplichtingen niet nakomt.
De rechtbank concludeerde dat het beroep ongegrond is en dat verweerder terecht de asielaanvraag niet in behandeling heeft genomen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag is ongegrond verklaard.