ECLI:NL:RBDHA:2023:6867
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens Dublinverordening en bevestiging interstatelijk vertrouwensbeginsel
Eiseres, met Pakistaanse nationaliteit, diende in Nederland een asielaanvraag in nadat zij eerder in Spanje en Duitsland verzoeken had ingediend. De staatssecretaris stelde de aanvraag buiten behandeling omdat Spanje verantwoordelijk is voor de behandeling op grond van de Dublinverordening.
Eiseres voerde aan dat Duitsland verantwoordelijk zou zijn op grond van artikel 10 van Pro de Dublinverordening en dat artikel 8 EVRM Pro geschonden zou zijn. De rechtbank oordeelde dat artikel 10 niet Pro van toepassing is bij terugnameverzoeken en dat in de Dublinprocedure geen toets aan artikel 8 EVRM Pro plaatsvindt. Tevens werd vastgesteld dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel ten aanzien van Spanje blijft gelden.
De rechtbank concludeerde dat er geen noodzaak was voor een aanvullend claimakkoord voor de pasgeboren dochter van eiseres, aangezien Spanje op de hoogte wordt gesteld en zich aan internationale verplichtingen houdt. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen het buiten behandeling stellen van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening afgewezen.