ECLI:NL:RBDHA:2023:8289
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag op grond van Dublinverordening
Eiseres, van Syrische nationaliteit, diende een asielaanvraag in Nederland in, die verweerder niet in behandeling nam op grond van artikel 30 van Pro de Vreemdelingenwet 2000, omdat Polen volgens de Dublinverordening verantwoordelijk is voor de behandeling. Polen had het verzoek tot overname geaccepteerd.
Eiseres voerde aan dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel niet langer geldt vanwege pushbacks en zorgen over de rechterlijke macht in Polen, gesteund door AIDA-rapporten en jurisprudentie. Zij stelde dat zij daardoor een reëel risico loopt op onmenselijke behandeling.
De rechtbank oordeelde dat eiseres niet aannemelijk heeft gemaakt dat zij een reëel risico loopt op een behandeling in strijd met artikel 4 van Pro het Handvest of artikel 3 EVRM Pro. De rechtbank volgde eerdere uitspraken waarin het Poolse systeem, afgezien van pushbacks, als betrouwbaar werd beschouwd.
Daarom mocht verweerder van het interstatelijk vertrouwensbeginsel uitgaan en was er geen reden om de asielaanvraag aan zich te trekken. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek tot aanhouding afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag is ongegrond verklaard.