Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser], eiser
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser diende op 5 maart 2024 beroep in tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 19 november 2022. De rechtbank beoordeelde het beroep zonder zitting omdat verweerder geen verweerschrift had ingediend.
De rechtbank overwoog dat de beslistermijn voor asielaanvragen in beginsel zes maanden bedraagt, maar verlengd kan worden tot maximaal 21 maanden in het kader van de Dublinverordening en de Procedurerichtlijn. Eiser had eerder een asielverzoek ingediend in Frankrijk, dat op 23 januari 2023 werd afgewezen, waarna Nederland verantwoordelijk werd.
De beslistermijn liep daardoor tot 23 juli 2023, verlengd met negen maanden tot 23 april 2024 door een wijziging in de Vreemdelingencirculaire. Eiser stelde verweerder op 19 februari 2024 in gebreke, maar dit was prematuur omdat de beslistermijn toen nog niet verstreken was.
Omdat niet voldaan was aan de vereisten voor een geldige ingebrekestelling, verklaarde de rechtbank het beroep kennelijk niet-ontvankelijk. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens een prematuur ingediende ingebrekestelling.