ECLI:NL:RBDHA:2024:14865
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond verklaarde beroepen tegen verlenging en voortduren maatregel van bewaring vreemdeling
Eiser, een vreemdeling van Gambiaanse nationaliteit, is sinds 14 maart 2024 in bewaring gesteld op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. De minister verlengde deze maatregel op 3 september 2024 met maximaal twaalf maanden wegens het ontbreken van medewerking van eiser aan zijn terugkeer en het ontbreken van benodigde documentatie.
Eiser stelde beroep in tegen zowel het verlengingsbesluit als het voortduren van de maatregel. De rechtbank behandelde beide beroepen gezamenlijk en oordeelde dat eiser onvoldoende meewerkt aan zijn uitzetting, onder meer door het weigeren van presentaties bij de Gambiaanse autoriteiten. De minister handelt voortvarend en er is zicht op uitzetting, mede door een geplande ID-missie.
De rechtbank concludeert dat de verlenging en het voortduren van de maatregel rechtmatig zijn. Er is voldaan aan de wettelijke voorwaarden, waaronder het ontbreken van een lichter middel en de belangenafweging. De beroepen worden ongegrond verklaard en er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De beroepen tegen het verlengingsbesluit en het voortduren van de maatregel van bewaring worden ongegrond verklaard.