ECLI:NL:RBDHA:2024:16049
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Naheffingsaanslag BPM verminderd wegens onjuiste toepassing forfaitaire tabel en schending hoorrecht niet vastgesteld
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen een naheffingsaanslag belasting van personenauto’s en motorrijwielen (BPM) opgelegd door verweerder. De naheffingsaanslag was gebaseerd op een afschrijvingspercentage van 82,998%, terwijl volgens de forfaitaire tabel 85% had moeten worden toegepast. Tevens stelde eiseres dat het hoorrecht was geschonden omdat zij niet kon deelnemen aan het hoorgesprek.
De rechtbank oordeelt dat de naheffingsaanslag terecht aan eiseres is opgelegd, maar dat de aanslag moet worden verminderd tot €5.382 op basis van het correcte afschrijvingspercentage. Het hoorrecht is niet geschonden omdat verweerder voldoende gelegenheid heeft geboden tot horen, ondanks dat eiseres niet deelnam aan het hoorgesprek.
Verder is vastgesteld dat eiseres recht heeft op vergoeding van immateriële schade wegens overschrijding van de redelijke termijn met 10 maanden, en op vergoeding van proceskosten. Het betaalde griffierecht wordt eveneens aan eiseres vergoed. De rechtbank volgt de rechtspraak van de Hoge Raad en ziet geen aanleiding om prejudiciële vragen aan het HvJ EU te stellen.
Uitkomst: De naheffingsaanslag BPM wordt verminderd tot €5.382 en eiseres krijgt vergoeding van immateriële schade, proceskosten en griffierecht.