ECLI:NL:RBDHA:2024:23122
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag op grond van Dublinverordening en overdracht aan Bulgarije
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de minister om zijn asielaanvraag niet in behandeling te nemen omdat Bulgarije verantwoordelijk is voor de behandeling volgens de Dublinverordening. De voorzieningenrechter had eerder een voorlopige voorziening getroffen waardoor overdracht aan Bulgarije werd geschorst.
De rechtbank heeft partijen verzocht te reageren op recente jurisprudentie van het Hof van Justitie en eigen uitspraken. De rechtbank concludeert dat de minister terecht uitgaat van het interstatelijk vertrouwensbeginsel ten aanzien van Bulgarije. De aangevoerde rapporten en omstandigheden over opvang, medische zorg en juridische voorzieningen in Bulgarije geven geen aanleiding tot het aannemen van een reëel risico op een schending van artikel 3 EVRM Pro en artikel 4 Handvest Pro.
Eiser heeft onvoldoende onderbouwd dat hij zich wezenlijk onderscheidt van andere Dublinclaimanten of dat er sprake is van onevenredige hardheid bij overdracht. De minister heeft ook adequaat gemotiveerd dat er geen aanleiding was om het verzoek op grond van artikel 17 Dublinverordening Pro te honoreren. Het beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit blijft in stand.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen blijft in stand.