Uitspraak
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van
12 maart 2024 in de zaken tussen
[eiseres] B.V., gevestigd te [vestigingsplaats] , eiseres(gemachtigde: A.F.M.J. Verhoeven),
de inspecteur van de Belastingdienst, verweerder.
De bestreden uitspraak op bezwaar
Zitting
Beslissing
- verklaart de beroepen ongegrond;
- veroordeelt verweerder tot vergoeding van immateriële schade tot een bedrag van € 500;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiseres tot een bedrag van € 218,75;
- draagt verweerder op om de toegekende vergoedingen te betalen op een bankrekening die op naam staat van eiseres;
- bepaalt dat de termijn voor de vergoeding van wettelijke rente gaat lopen vanaf vier weken na de datum van deze uitspraak, dan wel, indien dit een later gelegen datum is, vier weken na de datum waarop opgaaf is gedaan van een bankrekening op naam van eiseres.
Overwegingen
- of sprake is van een ex-rental;
- van welke CO2-uitstoot dient te worden uitgegaan;
- of de hoorplicht is geschonden;
- of recht bestaat op leeftijdskorting;
- of sprake is van een heffing in strijd met het Unierecht;
- of de rechtbank verplicht is tot het stellen van prejudiciële vragen;
- of verweerder proceskosten voor de bezwaarfase had moeten toekennen;
- de hoogte en de verschuldigdheid van griffierecht;
- of wettelijke rente verschuldigd is over het griffierecht;
- of verweerder artikel 16a Bpm ambtshalve mag toepassen.