ECLI:NL:RBDHA:2024:9844
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag mvv voor minderjarige broer na belangenafweging
Eiser heeft beroep ingesteld tegen de afwijzing van zijn aanvraag om een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) als familie- of gezinslid van zijn broer, die in Nederland verblijft met een verblijfsvergunning asiel.
De staatssecretaris wees de aanvraag af op grond van een belangenafweging waarbij het economisch belang van Nederland en de langdurige periode van gescheiden verblijf tussen eiser en referent zwaar wogen. Hoewel hechte persoonlijke banden werden erkend, vond de staatssecretaris dat het algemeen belang zwaarder woog.
De rechtbank bevestigt dat de staatssecretaris alle relevante feiten heeft meegewogen en dat de belangenafweging voldoende is gemotiveerd. De langdurige scheiding en het feit dat eiser in Ethiopië door een tante wordt verzorgd, evenals het ontbreken van financiële draagkracht bij referent, zijn zwaarwegende factoren.
De rechtbank oordeelt dat de belangenafweging een ‘fair balance’ vormt en wijst het beroep af. Eiser krijgt geen vergoeding van proceskosten. De uitspraak is gedaan door rechter F. Sijens en griffier M.C. Drenten-Boon.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de mvv-aanvraag wordt ongegrond verklaard en het besluit blijft in stand.