ECLI:NL:RBDHA:2025:12891
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens Dublin-overdracht aan Frankrijk
Eiser diende op 16 januari 2025 een asielaanvraag in Nederland in, maar verweerder nam deze niet in behandeling omdat Frankrijk op grond van de Dublinverordening verantwoordelijk is voor de behandeling. Eiser voerde aan dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel niet zonder meer kan worden toegepast en dat verweerder onvoldoende onderzoek heeft gedaan naar mogelijke schendingen van artikel 3 EVRM Pro bij overdracht.
De rechtbank oordeelt dat het aan eiser is om aannemelijk te maken dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel niet meer geldt ten aanzien van Frankrijk. Eiser heeft geen objectieve informatie overgelegd waaruit blijkt dat Frankrijk structurele tekortkomingen heeft in de asielprocedure of opvangvoorzieningen die leiden tot een reëel risico op onmenselijke behandeling. Ook zijn zijn gezondheidsklachten onvoldoende onderbouwd.
Daarnaast is het beroep op onzorgvuldig onderzoek naar de aangifte mensenhandel verworpen, omdat de Dublinprocedure en de reguliere verblijfsrechtelijke procedure gescheiden zijn. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond, waardoor het besluit om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen in stand blijft.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en het besluit blijft in stand.