Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 18 juli 2025 in de zaak tussen
[eiser 2] B.V.(eiser 2), te [plaats 1] , tezamen: eisers
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Den Haag
De zaak betreft beroepen van eigenaars tegen besluiten van het college van burgemeester en wethouders van Westland om spoedeisende bestuursdwang toe te passen en de huisvesting van arbeidsmigranten in een bedrijfsschuur te beëindigen. De bestuursdwang werd toegepast vanwege ernstige brandveiligheidsrisico's en strijd met het bestemmingsplan en het Bouwbesluit 2012.
De rechtbank oordeelt dat de overtredingen voldoende zijn vastgesteld door toezichthouders en de brandweer, waaronder het ontbreken van brandmelders, onveilige vluchtwegen en brandgevaarlijke opslag. Eisers konden niet aannemelijk maken dat de situatie veilig was of dat zij binnen redelijke termijn de gebreken konden herstellen. Het college was bevoegd en gerechtvaardigd om direct in te grijpen.
Verder werd geoordeeld dat eisers als eigenaren van het perceel terecht als overtreder zijn aangemerkt, omdat zij beschikkingsmacht hadden en de overtreding hebben aanvaard. Er was geen concreet zicht op legalisatie van de huisvesting en geen bijzondere omstandigheden die handhavend optreden onredelijk maakten. Ook werd het beroep op schending van het vertrouwensbeginsel en onzorgvuldige bezwaarprocedure verworpen.
De rechtbank verklaarde de beroepen ongegrond en wees terugbetaling van griffierecht en proceskostenvergoeding af. De uitspraak bevestigt het belang van directe handhaving bij acute brandveiligheidsrisico's in de huisvesting van arbeidsmigranten.
Uitkomst: De rechtbank verklaart de beroepen tegen spoedeisende bestuursdwang ongegrond en bevestigt het handhavend optreden van het college wegens brandgevaarlijke huisvesting.