ECLI:NL:RBDHA:2025:18327
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Rechtbank beveelt inhoudelijke behandeling asielaanvraag Italiaanse statushouders wegens gebrek opvang
Eiseres en haar minderjarige zoon, beiden van Somalische nationaliteit, vroegen op 29 april 2022 asiel aan in Nederland. Italië verleende hen subsidiaire bescherming, maar kon geen opvangfaciliteiten bieden, waardoor de overdracht werd opgeschort. De Minister verklaarde de aanvraag niet-ontvankelijk en beval terugkeer naar Italië, ondanks eerdere rechterlijke uitspraken die dit terugdraaiden.
De rechtbank constateert dat de Minister geen contact heeft opgenomen met Italiaanse autoriteiten om de opvangmogelijkheden te verifiëren en dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel hier niet kan worden toegepast. Gelet op het absolute non-refoulementbeginsel en het belang van het kind, is het niet toegestaan de asielaanvraag niet-ontvankelijk te verklaren of terugkeer te gelasten.
De rechtbank verwijst naar het arrest QY van het Hof van Justitie en recente jurisprudentie van de Afdeling, die bepalen dat de asielaanvraag inhoudelijk moet worden beoordeeld, waarbij rekening gehouden moet worden met de statusverlening door Italië. De Minister wordt opgedragen binnen zes weken contact te zoeken met Italië, eiseres te horen over haar motieven, en de rechtbank op de hoogte te houden van de voortgang. Verdere beslissingen worden aangehouden.
Uitkomst: De rechtbank beveelt de Minister de asielaanvraag inhoudelijk te behandelen en contact op te nemen met de Italiaanse autoriteiten binnen zes weken.