ECLI:NL:RBDHA:2025:23526
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens verantwoordelijkheid Bulgarije onder Dublinverordening
Eiser, een Nigeriaanse asielzoeker, diende op 16 mei 2025 een asielaanvraag in Nederland in. De minister van Asiel en Migratie nam deze aanvraag niet in behandeling omdat Bulgarije verantwoordelijk werd geacht op grond van de Dublinverordening, gezien een recent verlopen visum in Bulgarije.
Eiser betoogde dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel niet langer van toepassing is vanwege een verslechterde situatie in Bulgaarse opvangvoorzieningen, zoals beschreven in het AIDA-rapport 2024, en dat zijn psychische en medische klachten bijzondere omstandigheden vormen die behandeling in Nederland rechtvaardigen.
De rechtbank oordeelde dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel terecht werd toegepast, aangezien het AIDA-rapport 2024 geen wezenlijke verslechtering ten opzichte van eerdere jaren toont. Ook was onvoldoende aannemelijk gemaakt dat eiser in Bulgarije geen passende medische zorg zou ontvangen. De discretionaire bevoegdheid van de minister om de aanvraag toch in behandeling te nemen werd niet als onjuist beoordeeld.
Daarom verklaarde de rechtbank het beroep ongegrond en bevestigde het besluit om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen. Er werd geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen wordt ongegrond verklaard.