ECLI:NL:RVS:2024:2152
Raad van State
- Hoger beroep
- J. Schipper-Spanninga
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens interstatelijk vertrouwensbeginsel en bijzondere omstandigheden
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid nam een asielaanvraag van de vreemdeling niet in behandeling op grond van het interstatelijk vertrouwensbeginsel ten aanzien van Bulgarije. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond en vernietigde het besluit, waarna de staatssecretaris hoger beroep instelde.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State stelde vast dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel niet van toepassing is vanwege de problematische situatie in Bulgarije, zoals pushbackpraktijken en ontoereikende rechtsbijstand, en vernietigde het vonnis van de rechtbank. De Afdeling beoordeelde vervolgens de door de vreemdeling aangevoerde bijzondere omstandigheden die zouden rechtvaardigen dat de aanvraag toch in behandeling werd genomen.
De vreemdeling voerde aan dat hij een zwaarwegend belang had om in de nabijheid van zijn familie in Nederland en Curaçao te verblijven en vreesde isolement in Bulgarije. De staatssecretaris stelde dat deze omstandigheden niet voldoende bijzonder waren en dat de Dublinverordening niet bedoeld is om verblijf bij familie in Nederland te verkrijgen.
De Afdeling oordeelde dat de bijzondere omstandigheden onvoldoende waren om af te zien van overdracht aan Bulgarije en verklaarde het beroep ongegrond. De staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en het besluit om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen blijft in stand.