ECLI:NL:RBDHA:2025:24019
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag Somalische eiser wegens ongeloofwaardigheid en ontbreken reëel risico
Eiser, een Somalische nationaliteit behorende tot de Hawiye bevolkingsgroep, diende op 28 februari 2022 een asielaanvraag in die door de minister op 25 juni 2025 als kennelijk ongegrond werd afgewezen. De rechtbank behandelde het beroep op 10 september 2025 en beoordeelde de geloofwaardigheid van het asielrelaas en het risico bij terugkeer.
Eiser stelde dat hij vanwege bedreigingen door Al-Shabaab en een incident waarbij een familielid van hem overleed, niet veilig was in Somalië. Hij betoogde ook dat hij zich niet onverwijld kon melden vanwege zware stormen en dat de minister zijn verklaringen ten onrechte als wisselend en ongeloofwaardig had beoordeeld.
De rechtbank oordeelde dat eiser zich niet onverwijld had gemeld zonder verschoonbare reden, dat zijn verklaringen over de bedreigingen en incidenten inconsistent waren en dat hij onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat hij bij terugkeer een reëel risico op ernstige schade loopt. Ook het beroep op bescherming van het privéleven werd verworpen.
Daarmee bleef de afwijzing van de asielaanvraag in stand en werd het beroep ongegrond verklaard. De rechtbank wees ook op de beperkte schorsende werking van het hoger beroep tegen de opgelegde dwangsom.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en de aanvraag blijft afgewezen.