ECLI:NL:RBDHA:2025:24771
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Y. Yeniay - Cenik
- Rechtspraak.nl
Beëindiging tijdelijke bescherming en terugkeerbesluit Oekraïense derdelander
Deze bestuursrechtelijke zaak betreft de beëindiging van de facultatieve tijdelijke bescherming van een Algerijnse derdelander die in Oekraïne verbleef en naar Nederland is gekomen na de invasie van Oekraïne. De minister heeft de tijdelijke bescherming beëindigd per 4 maart 2024 en een terugkeerbesluit opgelegd, waartegen eiser bezwaar maakte.
Na een eerdere intrekking van het terugkeerbesluit door de minister en vervanging door een nieuw besluit, heeft de rechtbank het beroep tegen het eerste terugkeerbesluit niet-ontvankelijk verklaard omdat dit besluit is vervangen. Het beroep tegen het vervangende terugkeerbesluit is ongegrond verklaard omdat eiser geen gronden tegen dit besluit heeft aangevoerd.
De rechtbank baseert zich op het arrest van het Hof van Justitie van de EU en uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, waarin is bevestigd dat de tijdelijke bescherming voor derdelanders op 4 maart 2024 is geëindigd. De minister is veroordeeld tot betaling van proceskosten aan eiser.
Uitkomst: Het beroep tegen het eerste terugkeerbesluit is niet-ontvankelijk en het beroep tegen het vervangende besluit ongegrond verklaard.