ECLI:NL:RBDHA:2025:4900
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling maatregel van bewaring wegens risico op onderduiken en zicht op uitzetting Nigeria
Eiser, van Nigeriaanse nationaliteit, werd op 3 maart 2025 in bewaring gesteld wegens het risico dat hij zich aan toezicht zou onttrekken en de uitzettingsprocedure zou ontwijken. De maatregel werd gebaseerd op meerdere gronden, waaronder het niet op de voorgeschreven wijze binnenkomen, het niet meewerken aan het vaststellen van identiteit en nationaliteit, en het niet naleven van de verplichting tot terugkeer.
Eiser betwistte de gronden niet, maar stelde dat hij zich op een COA-locatie bevond en dus niet onderdook, en dat er geen zicht was op uitzetting naar Nigeria binnen een redelijke termijn. De rechtbank oordeelde dat eiser onvoldoende meewerkt aan zijn uitzetting en dat het zicht op uitzetting ondanks zijn niet-geregistreerde status wel aanwezig is.
Verder stelde eiser dat een lichter middel dan bewaring passend was, omdat hij beschikbaar was op een COA-locatie. De rechtbank verwierp dit standpunt vanwege het risico op het onttrekken aan toezicht en het niet meewerken van eiser.
De rechtbank concludeerde dat de maatregel van bewaring rechtmatig was en dat het beroep ongegrond is. Ook het verzoek om schadevergoeding werd afgewezen. Er was geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.