Eiseres, Stichting Kraamzorg de Waarden Groep, heeft namens een (ex-)werkneemster een verzoek tot herbeoordeling van de WIA-uitkering ingediend bij het UWV op 18 september 2025. Omdat het UWV niet binnen de wettelijke beslistermijn van negen weken heeft beslist, heeft eiseres op 20 februari 2026 beroep ingesteld wegens het uitblijven van een beslissing.
De rechtbank stelt vast dat het UWV de beslistermijn heeft overschreden en ondanks ingebrekestelling op 15 december 2025 nog geen besluit heeft genomen. Het UWV heeft een dwangsombeslissing genomen van € 1.442,-, maar kon geen concrete termijn aangeven voor de medische beoordeling die noodzakelijk is voor de besluitvorming.
De rechtbank oordeelt dat het tekort aan verzekeringsartsen een bijzonder geval vormt, waardoor een aangepaste beslistermijn geldt: binnen zes weken na verzending van de uitspraak moet de medische beoordeling plaatsvinden en binnen drie weken daarna het besluit, in totaal maximaal negen weken. Omdat het UWV niet heeft aangetoond dat afwijking van deze termijn gerechtvaardigd is, wordt het UWV opgedragen binnen deze termijn alsnog te beslissen.
Daarnaast legt de rechtbank een dwangsom op van € 100,- per dag met een maximum van € 15.000,- voor elke dag dat het UWV de termijn overschrijdt. Het UWV wordt veroordeeld tot vergoeding van het betaalde griffierecht en proceskosten aan eiseres. De uitspraak is gedaan zonder zitting op 8 april 2026.