Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam] , eiser,
V-nummer: [nummer] ,
de minister van Asiel en Migratie,
Samenvatting
Procesverloop
Beoordeling door de rechtbank
WI 2022/3 volgt dat de beoordeling in het geval van bekering en afvalligheid niet alleen binnen de kaders van één procedure, maar procedure-overstijgend moet plaatsvinden. De rechtbank stelt vast dat de minister bij de beoordeling van de opvolgende asielaanvraag
WI 2019/17 heeft toegepast. De rechtbank ziet in WI 2019/17 en de hiervoor genoemde Afdelingsuitspraak geen aanknopingspunten om te oordelen dat de minister gehouden is in de onderhavige zaak waarin eisers homoseksuele geaardheid ten grondslag ligt, een dergelijke beoordeling te maken.
Uit de arresten van 4 juni 2026 in de zaken Ebilum en Quotal [11] heeft het Hof van Justitie van de Europese Unie overwogen dat de terughoudende toets, zoals de Nederlandse rechter die nu in asielzaken verricht, niet verenigbaar is met het Europees recht. In lijn met deze rechtspraak toetst de rechtbank het besluit daarom vol.