Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
Procesverloop
Beoordeling door de rechtbank
alle betrokken omstandigheden in de beschouwing worden betrokken, meer in het bijzonder de leeftijd van het kind, zijn lichamelijke en emotionele ontwikkeling, de mate van zijn affectieve relatie zowel met de ouder die burger van de Unie is als met de ouder die onderdaan van een derde land is, evenals het risico dat voor het evenwicht van het kind zou ontstaan indien het van deze laatste ouder zou worden gescheiden. [13] Ook de kwestie van het gezag over het kind en de vraag of de wettelijke, financiële of affectieve last van dat kind rust op de ouder die derdelander is, zijn daarbij relevante omstandigheden. [14]
alleomstandigheden immers inperken. De minister, noch de Afdeling, is tot een dergelijke inperkende interpretatie van artikel 20 VWEU Pro en de rechtspraak van het Hof bevoegd. Ingevolge artikel 19 VEU Pro [15] mag immers alleen het Hof een bindende uitspraak doen over de uitleg van het Unierecht, waaraan de nationale rechtspraak vervolgens is gebonden. [16] De Afdeling is bij twijfel over de uitleg van het Unierecht ingevolge artikel 267 VWEU Pro in beginsel verplicht prejudiciële vragen aan het Hof te stellen, [17] en mag daaraan dus geen eigen invulling (zoals het formuleren van rechtsvermoedens) geven.
welsamen kunnen zijn (2023 in Kenia, 2024 in Dubai en 2025 in Kenia) [28] . Dat doen zij blijkens het deskundigenbericht steeds voor een periode van 4 weken, wat overeenkomt met de minimale wettelijke vakantieduur in Nederland, die referent dus volledig gebruikt om met de kinderen eiser fysiek te kunnen zien. [29] Eiser neemt dan veel zorgtaken op zich. [30] Zodoende vult eiser de spaarzame tijd die zij fysiek samen kunnen zijn ook volledig in om samen met zijn kinderen te zijn en zorgt hij er binnen de nu beperkende omstandigheden voor dat hij er ook fysiek voor ze is. Uit het deskundigenbericht komt ook naar voren dat de kinderen eiser ook daadwerkelijk als hun vader beschouwen.
“De kinderen zien hun vader iedere dag via FaceTime. Soms is [dochter] verdrietig, omdat ze haar vader mist. [Dochter] moet dan huilen. Wat helpt is dan vader via FaceTime te bellen.” [31]
Conclusie en gevolgen
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit;
- herroept het primaire besluit;
- draagt de minister op binnen een termijn van vier weken na de dag van bekendmaking van deze uitspraak een faciliterend visum op grond artikel 20 VWEU Pro aan eiser te verlenen;
- bepaalt dat deze uitspraak in de plaats treedt van het vernietigde besluit;
- veroordeelt de minister in de proceskosten ad € 3.001,- te betalen aan eiser;
- draagt de minister op het door eiser betaalde griffierecht ad € 187,- aan eiser te vergoeden.