Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 13 februari 2026 in de zaak tussen
het college van burgemeester en wethouders van Bodegraven-Reeuwijk,
[vergunninghouder], uit [woonplaats] (vergunninghouder).
Samenvatting
Procesverloop
Beoordeling door de rechtbank
– voor zover hier van belang – dat het bevoegd gezag pas een omgevingsvergunning kan verlenen voor de activiteiten bouwen en/of het gebruiken van gronden in strijd met de beheersverordening als er sprake is van voldoende parkeergelegenheid. Er is volgens deze bepaling sprake van voldoende parkeergelegenheid indien voldaan wordt aan de door het bevoegd gezag vastgestelde beleidsregels met betrekking tot het parkeren en laden en lossen, zoals die gelden op het tijdstip van indiening van de aanvraag omgevingsvergunning.
Conclusie en gevolgen
Beslissing
- verklaart het beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit niet-ontvankelijk;
- verklaart het beroep tegen het bestreden besluit ongegrond;
- veroordeelt het college tot het betalen van een schadevergoeding aan eiseressen tot een bedrag van € 500,- wegens het overschrijden van de redelijke termijn;
- veroordeelt het college in de proceskosten van eiseressen in verband met het beroep wegens het niet tijdig nemen van een besluit tot een bedrag van € 934,-;
- veroordeelt het college in de proceskosten van eiseressen in verband met het verzoek om schadevergoeding tot een bedrag van € 233,50.