ECLI:NL:RBDHA:2026:3416
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- L.J. van der Veen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag mvv op grond van niet voldoen jongvolwassenenbeleid en ontbreken bijkomende afhankelijkheid
Eiseres, een Syrische jongvolwassene, verzocht via haar referent om een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) om bij haar vader in Nederland te verblijven. De minister wees de aanvraag af omdat eiseres niet voldeed aan het jongvolwassenenbeleid en er geen sprake was van bijkomende elementen van afhankelijkheid die gezinsleven in de zin van artikel 8 EVRM Pro aannemelijk maken.
De rechtbank overwoog dat eiseres onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat zij onder het jongvolwassenenbeleid valt, omdat zij niet kon aantonen dat zij met haar vader in gezinsverband samenleeft, niet in haar eigen onderhoud voorziet en geen zelfstandig gezin heeft gevormd. Daarnaast was de verklaring over haar verblijf en afhankelijkheid na het vertrek van haar vader onvoldoende overtuigend en consistent.
Ook ten aanzien van de aanvullende elementen van afhankelijkheid oordeelde de rechtbank dat de minister alle relevante feiten en omstandigheden had betrokken en dat eiseres onvoldoende had onderbouwd dat er sprake was van een meer dan gebruikelijke emotionele, financiële of praktische afhankelijkheid.
De rechtbank concludeerde dat de minister terecht het gezinsleven ontkende en het beroep ongegrond verklaarde. Er was geen aanleiding voor een belangenafweging, en het bestreden besluit bleef in stand.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de mvv-aanvraag wordt ongegrond verklaard en het besluit blijft in stand.