ECLI:NL:RBGEL:2013:2042
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aftrek levensonderhoud studerende zoon met fiscaal partnerschap en vermogen
Eiser betwistte de weigering van de Belastingdienst om aftrek van uitgaven voor het levensonderhoud van zijn studerende zoon toe te staan. De zoon was in 2009 fiscaal partner van een huisgenoot en beschikte over een banksaldo van circa €20.000, terwijl hij een studieschuld van ongeveer €65.000 had. De rechtbank overwoog dat het fiscale partnerschap op zich geen belemmering vormt voor aftrek van levensonderhoud, maar dat het vermogen van de zoon wel relevant is.
De zoon verklaarde ter zitting dat hij in een studentenhuis woonde zonder affectieve relatie met zijn fiscale partner en dat de bijdrage van die partner aan zijn levensonderhoud beperkt was. Het banksaldo van de zoon was beschikbaar en de studieschuld hoefde nog niet te worden terugbetaald. Er waren geen bijzondere omstandigheden die het aanwenden van het vermogen in de weg stonden.
De rechtbank concludeerde dat eiser zich niet redelijkerwijs gedrongen kon voelen om de zoon financieel te ondersteunen, waardoor de aftrek van de uitgaven voor het levensonderhoud niet toekomt. Ook de heffingsrente werd gehandhaafd. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van eiser op aftrek van uitgaven levensonderhoud voor zijn studerende zoon wordt ongegrond verklaard.